Met 73 overwinningen domineerde de ploeg van CEO Patrick Lefevere voor de zoveelste keer het voorbije wielerseizoen en aan de vooravond van de voorjaarsklassiekers staan er alweer een paar mooie overwinningen op het palmares van Deceuninck - Quick-Step. Met de nieuwe wielergod Remco Evenepoel staat hij met zijn ‘Wolfpack’ - toch wel de marketingwielerterm van 2018 - bovendien voor een razend interessant jaar. De hele wereld kijkt over de schouders mee hoe hij het er als 19-jarige vanaf zal brengen tussen de grote jongens. “Ik heb het geluk gehad om ooit met VDB te kunnen werken, maar een talent zoals Remco heb ik nog nooit gezien. Ik heb er met een enorm grote vliegenmepper alle mee-eters moeten afslaan. We hebben veel kunnen leren binnen onze ploeg in de tijd van Boonen. Ikzelf zou het als een mislukking ervaren mocht het niet lukken met hem. Bij een ploeg als Sky zouden ze gewoon een andere pakken.”

Is het je ultieme droom of ambitie om je carrière af te sluiten met een Belg op het hoogste schavotje van het Tourpodium?

Ik lig daar eerlijk gezegd niet wakker van. Ik hou niet van de Tour als event. Het is de belangrijkste koers ter wereld, maar de arrogantie druipt er van af. Ik investeer gewoon graag in de jeugd, maar ik zal mijn carrière niet als mislukt ervaren mocht het nooit lukken.

Waar zet je Remco naast VDB, Boonen en Museeuw op deze leeftijd?

Op deze leeftijd staat hij duidelijk al verder. Het is echt nooit gezien. Ik ben even benieuwd als jullie naar de eerste resultaten. Ik wou vooral vermijden dat hij naar Sky ging. Mijn bedoeling was eigenlijk dat hij nog een jaar bij de beloften zou kunnen groeien in de ploeg van Axel Merckx, maar door het bod van Sky moest ik wel in actie komen. Ik zal ervoor zorgen zoals mijn eigen zoon en hem de nodige tijd geven om te groeien. Bij Sky zouden ze hem na een minder jaar misschien terug uitspuwen en een ander talent pakken. Dat wilde ik te allen prijze vermijden.

Hij zal opgenomen worden in een ploeg waar de sfeer opperbest is. Hoe slagen jullie er toch telkens weer in om met veel minder budget toch jullie voet naast die van een aantal miljoenenploegen te zetten zoals Sky of UAE? We leven in 2019 waarin iedereen toch wel wat kent van teambuilding?

Alles wat wij hebben, hebben zij bij ploegen als Sky maal drie. Maar op den duur leeft iedereen naast elkaar, omdat ze niet meer weten wie wat doet. Ik weet nog van iedereen perfect wie wat doet. Ik delegeer ontzettend veel, maar wordt nog dagelijks gebrieft. Ik heb veel geleerd van Walter Godefroot, hij zei: ‘Fever’, coureurs komen en gaan, maar de structuur is belangrijk. Renners kijken niet alleen naar geld, ze kijken ook naar de organisatie van een ploeg. Wat is de duurtijd? Er zijn tegenwoordig ook zoveel moderne snufjes waarmee je iedereen tot in het oneindige kan monitoren: hoe ze slapen, eten, fietsen, drinken,... maar ik vind dat het ook nog leefbaar moet blijven. We werken toch met profs? Wie zich niet professioneel gedraagt, weet dat hij na twee jaar bij mij aan tafel komt te zitten voor een contractverlenging en dan is het aan mij... Maar het nuttige aan het aangename koppelen zit er bij ons wel in.

Maar wat is dan jouw geheim recept?

Er moet toch iets zijn? Museeuw zei onlangs nog dat hij in zijn carrière maar drie ploegleiders heeft gekend: José Decauwer, Jean- Luc Vandenbroucke en ikzelf. ‘Cauwer’ vond hij een goeie motivator, maar een mindere organisator. VDB een goeie organisator, maar een mindere motivator en van mij vond hij dat ik de twee wist te combineren.

Mag ik je de ‘Godfather of Cycling’ noemen?

Bij Mapei noemden ze me indertijd ‘Bill’, naar de toenmalige president van de VS Bill Clinton. Dat kwam door mijn kapsel. Later noemden de Italianen mij ‘Capo’. Ik heb die bijnamen zelf niet gekozen, maar als ik Bramati, Baldato of Guercilena tegenkom is het nog altijd ‘capo’. (lacht) Ik voel het respect na 38 jaar en dat is wel fijn. Ik denk dat ik iedereen recht in de ogen kan kijken.

Heb je het moeilijk om afscheid te nemen van renners?

Je leert dat. Maar Terpstra die na 8 jaar weggaat, Chavanel, Cavendish, dat was best wel moeilijk. ‘Cav’ is trouwens de enige coureur in dertig jaar waar ik een cadeau van heb gekregen: een ‘limited edition’ IWC Portofino. Als ik naar Londen reis, staat hij erop dat ik bij hem kom eten.

Doet het je ergens plezier als je dan ziet dat renners eens ze bij jouw ploeg vertrekken het plots minder goed doen?

Iedere bedrijfsleider is op dat vlak een beetje een saddist. Het siert mij wel,... Ik snap dat renners kun kans willen gaan. Maar je moet de kansen grijpen als ze er zijn. Als Trentin in de Ronde van 2017 glad uit het wiel wordt gereden door Gilbert dan kan hij niet zeggen dat hij de kans niet heeft gekregen...

Je hebt al zo veel keer last-minute een sponsor gevonden en zo de ploeg gered. Geloof je in de factor ‘geluk’?

Soms moet je natuurlijk geluk hebben. Maar 15 jaar aan één stuk door ‘chance’ hebben, bestaat niet. Geluk is het gevolg van keihard werken. We werken met een zeer professionele ploeg keihard. Ik heb ook een goed parcours afgelegd en heb rustig kunnen groeien. Ik ben zelf renner geweest, heb gestudeerd, heb tien jaar als boekhouder gewerkt. Ik heb geen enkele stap overgeslaan. Ik wou eigenlijk geen ploegmanager worden. Ik wilde liever zakenman worden. Maar op vandaag zijn we een goed draaiende kmo die 18 tot 20 miljoen euro omzet per jaar draait. Dus uiteindelijk heb ik toch mijn droom kunnen waarmaken.

Zie je jezelf nog in een andere job?

Acht jaar geleden heb ik het interimkantoor Experza opgericht. Een jonge vrouw sprak mij aan over haar job, waar ze geen promotie meer kon krijgen omdat ze niet meer had dan een diploma middelbaar onderwijs. Ik hou wel van mensen met ambitie en lef. Het was toen crisis in de sector, maar na een aardbeving komen er aardschokken, die erger zijn dan de beving. Daarna nemen bedrijven terug personeel in dienst en ik geloofde erin dat interimkantoren hier een belangrijke rol in zouden spelen. Het eerste jaar was moeilijk. Sylvie wou na 6 maanden stoppen, maar ik zei: ‘no way’. We gaan minstens een jaar doordoen en plots waren we vertrokken. Vier jaar geleden heb ik mijn aandelen verkocht omdat het niet meer te combineren viel, maar ik heb er nog altijd een beetje spijt van.

Wat brengt je tot rust?

Eenvoudige dingen: thuis komen ’s avonds, mij opfrissen, wat lezen met een aperitiefje en niet meer over de koers praten. Ik kijk graag naar het nieuws en duidingsprogramma’s. Mijn lievelingsdrankje is pineau des charentes. Ik heb dat leren appreciëren door een delegatieleider in de Tour die van die streek was. Ik ben een slechte slaper. Als ik alleen in de living zit, durf ik ook wel eens een whisky uithalen. Ik ben geen kenner, wel liefhebber. Mijn vader dronk VAT 69. Ik heb nu van die speciale steentjes voor in de diepvriezer, effectiever dan ijsblokjes die verwateren. Mijn laatste whisky ontdekking is de Japanse Hibiki.

Je mocht al zoveel grote zeges vieren. Welke viering zal je altijd bijblijven?

Vorig jaar na Luik-Bastenaken-Luik was memorabel. Dwars door Vlaanderen, E-3 Prijs, de Ronde van Vlaanderen, Waalse Pijl en dan L-B-L. Het was een Grand Cru voorjaar! We stonden daar in Luik op de parking en we beseften dat elk z’n eigen weg zou gaan. Maar we vonden dat we het toch moesten vieren. Ik heb dan gebeld naar een vriend van mij die een restaurant uitbaat in Gentbrugge. We zijn daar met 30 man van de ploeg naartoe getrokken. Iedereen stond er op de parking zijn ‘whereabouts’ aan te passen. De chef zei dat we ons niet moesten inhouden omdat hij toch zijn zaak zou stoppen. De foto van Gilbert met sigaar en ik met een glas wijn en opgestoken middelvinger richting fotograaf Sigfrid Eggers was iconisch. Hij had ons een jaar lang gevolgd en ik wilde niet dat hij al te veel foto’s van mij nam omdat het voor mij om de acteurs draait en niet om mezelf. Dus elke keer hij mij probeerde te fotograferen, kreeg hij mijn middelvinger te zien. Het is één van de vele topfoto’s in ons boek ‘The Wolfpack’.