Frédéric en Sébastien Suber lijken een beetje op autocoureurs uit lang vervlogen tijden. Jacky Ickx. Jochen Rindt. Jim Clark. Guiseppe Farina. Fangio.
Zoon en vader zouden stilistisch probleemloos passen in dat rijtje. Ze delen dezelfde scherpe trekken, zien er net zo dandy uit als de legendarische piloten en vooral: ze kennen de passie.
 

 

Philippe heeft voor de gelegenheid zijn – voorlopig enige – Suber Factory-model op tafel gezet. Niki Lauda stapt in de richting van zijn Ferrari 312T uit 1975.
Zelfs op schaalgrootte ziet hij er ontspannen uit. De race is gereden: de banden vertonen slijtage. James Hunt zal pas volgend jaar echt de strijd kunnen aangaan.
Straks wordt de Oostenrijker voor het eerst wereldkampioen. De klinknagels onder de carrosserie van de Ferrari staan bol op het plaatstaal, al moet je het vergrootglas erbij nemen om dat te zien.
Toch is het zo. Omdat het in de realiteit ook zo was. En daarover gaat het. 

 

“Ola, je connais. Ik ken dat model. Ik heb mijn bril niet bij nu … “ Frédéric Suber demonstreert hoe de neus van de wagen opnieuw op de juiste plek komt. Sébastien kijkt mee.
“Het is fijn werk. Hij werkt thuis met de loep hé. Enorm gedetailleerd.” Wat volgt is een gesprek in drie talen. Engels, Frans en Nederlands. Passie gaat over gevoel, veel meer dan taal.
De perfect tweetalige Sébastien vult waar nodig zijn vader aan of kijkt geamuseerd toe. 

 

“Mijn zoon neemt het stilaan van mij over. My job is done. Eigenlijk wil ik gewoon doen wat ik het liefst doe: modellen maken. Hij krijgt het wel niet zomaar cadeau:
Sébastien, wie is Alberto Ascari?” Frédéric wacht niet op het antwoord. “Dat moet hij weten natuurlijk. De geschiedenis, de passie, de emotie, daarover gaat het.
Het auto- en motorgebeuren is een bijzondere interesse en de start van ons verhaal. Zo is het voor mij ook begonnen. Iedereen in mijn directe omgeving verklaarde
me gek toen ik na mijn studies miniatuurwagens wilde bouwen. Het verhaal is belangrijk. Passie. Emotie. Een wagen moet mij beroeren.
Die emotie staat bovendien los van het tijdvak waarin het zich afspeelt. De Maserati van Fangio uit 1957 en de McLaren waarmee Hunt in 1976 het wereldkampioenschap F1 won,
zijn twee compleet verschillende wagens maar ze raken mij. Elk op hun manier. Het is een spel. It’s a game. Ik hou van mensen en ik ontmoet regelmatig interessante personen met wie het klikt,
maar in de allereerste plaats maak ik een model nog altijd voor mezelf. De adrenaline, de kleur, de vaardigheid die nodig is om de kleinste details juist te krijgen … dat is wat mij boeit.
Onderweg doe ik een aantal mensen graag het plezier om ook voor hen een model te maken, maar er heeft nooit een businessplan achter gezeten. Integendeel.”

 

Vertigo Miniatuurauto

 

 

"Wat voor mij van essentieel belang is, is een stevige vertrouwensband met mijn klanten."

 

Ferrari en Jacques Swaters

“De ontmoeting met Jacques Swaters was wat dat betreft – denk ik – de belangrijkste van mijn leven. Hij was de eerste invoerder van Ferrari ter wereld en heeft deuren voor mij geopend.
Via hem leerde ik de verzamelaars kennen en de Parijse beurs Retro Mobile. Vandaag kan ik de orders eigenlijk niet snel genoeg maken, maar mij boeit vooral de vraag hoe ik iets kan creëren.
Hoe maak ik van een basiskit een schaalmodel in metaal? Hoe creëer ik de illusie dat die wagen net een race achter de rug heeft, of zo zou kunnen wegrijden?
Roest. Klinknagels. Stof. Bandenslijtage. De kleur … O, de juiste kleur vinden is iets waarin ik me helemaal kan verliezen. Ik hou me niet bezig met mode, met wat de trend is. Pfff … dat is saai hé.
Ik hou van wat mooi is. Het is een obsessie. Dedication, toewijding. Passie. Lijnen boven horsepower. Gevoel. Emotie. In deze kleine wereld ben ik verslaafd aan wat ik doe. Ik sta er ’s nachts voor op.
Als we op vakantie gaan, heb ik mijn workshop nodig. Na twee dagen word ik gek.” 


 

"Hoe maak ik van een basiskit een schaalmodel in metaal ?"

 

“Goh. Verkopen … Ik hou ze misschien nog liefst zelf … Het zakelijke is nooit mijn eerste zorg geweest. Ik heb de luxe om te doen wat ik graag doe, op een manier zoals ik het wil doen.
Weet je, ik verkoop liever een exemplaar aan een man met wie ik dezelfde passie deel, dan aan de meestbiedende. Het lijstje ‘groten der aarde’ dat een wagen van mij heeft staan is
ondertussen absoluut de moeite, maar dat doet er niet toe. Michael Schumacher die mijn creatie voor hem weet te waarderen, dat voel ik. Dat is het!
Wat voor mij van essentieel belang is, is een stevige vertrouwensband met mijn klanten.”
 

"Is Suber Factory kunst of vakmanschap ? Dat is een goede vraag. Voor mij is het beide."


“Vandaag zie ik soms nog een verbeterpunt aan een eerdere creatie, ja. Ik alleen, hé. De eigenaar zal het niet merken. Op het ogenblik zelf streef ik evenwel altijd naar absolute perfectie.
Het bestaat niet dat ik een model overhandig als ik er niet van overtuigd ben dat het 100% klopt. Maak ik onderweg een fout, hoe klein ook, dan is het voorbij: vuilbak.
Is Suber Factory kunst of vakmanschap? Dat is een goede vraag. Voor mij is het beide. Alles is handwerk dus er zit heel wat fijn vakmanschap in.
Ik hoop dat het voor de eigenaar van een stuk toch ook ‘kunst’ wordt. Het is een soort emotionele investering natuurlijk.
Philippe wou dit specifieke model omdat hij Niki Lauda het jaar ervoor ontmoette en de hand schudde. Het gaat dus over helden, over verhalen. En dan zijn we weer waar we begonnen.”

 

"Ik hou van wat mooi is. Het is een obsessie. Toewijding. Passie. Lijnen boven horsepower. Gevoel. Emotie."

 

Minitauurauto